Donderdag, de meest gevreesde helweekdag is aangebroken. Ik moet niet alleen 41 uur wakker zien te blijven, maar ook nog gefocust, optimistisch en gemotiveerd. In de ochtend kijk ik er nog vol goede moed tegen aan, tegen de tijd dat het avond is zakt de moed me een beetje in de schoenen.

De dag begint nog prima. Na een gezellige avond sta ik ‘gewoon’ weer om vijf uur op en ga ik vol goede moed aan de training. De korte krachttraining gaat goed, het hardlopen nog beter en de kleurtjes in de Hofpleinfontein maken me vrolijk. Weer thuis is ook mijn logerende vriendinnetje al wakker, wat extra gezellig is. Ik ben blij ende positief, zoals dat in een helweek hoort.

Ayo telefoonvrees!

Om half negen gaat mijn telefoon: een nummer dat ik niet ken, dus ik neem nieuwsgierig op. Geheel onverwachts is het een medehelweekster! Donderdag staat in het teken van het overwinnen van je angsten en die van haar is de telefoon te pakken en vreemde mensen te bellen. Ze heeft mijn telefoonnummer opgezocht en de stoute schoenen aangetrokken. Superstoer en heel toevallig (of juist niet) herkenbaar voor me! Ik moet ook altijd even over een drempeltje heen om in de telefoon te klimmen. Ik mail nu eenmaal liever, of loop bij iemand binnen. Dan heb ik ofwel de tijd mijn verhaal te formuleren, of ik kan iemand aankijken. Dit telefoontje motiveert me extra om ook mijn eigen bellijstje af te werken, zodra de rest van de wereld ontwaakt is.

Op weg naar wazigheid

to-doDe drukte op mijn werk, plus een netwerklunch met een inspirerende lezing door sportcoach Robin van Galen (ook geen toeval in deze week) houden me goed wakker. Als ik om iets over zessen naar huis fiets, merk ik wel dat ik wat wazig begin te worden. Bijna smeer ik een boterham in plaats van te koken, maar ik verman me en hou me aan mijn eerder uitgekozen recept. Met weer wat energie stort ik me op het opstellen van een flinke to-do lijst. Veel teksten om te schrijven, veel dingen om uit te zoeken, de lijst wordt langer en langer.

Trager dan traag

Met het verstrijken van de uren gaan mijn ogen branden, mijn hoofd zeuren en verkrampen de spieren in mijn schouders en nek. Tel de spierpijn in de rest van mijn lijf daarbij op en je hebt toch wel een verzuurd persoon. Het idee dat ik echt niet mag slapen, nu niet, straks niet en morgen ook niet, vind ik toch wel angstaanjagend. Mijn hersens werken niet meer zo vlotjes en het schrijven van teksten gaat trager dan traag. De woorden liggen op het puntje van mijn tong, maar ik krijg ze niet meer uitgespuugd. Gelukkig bestaat Google en zorgt Synoniemen.net nog voor wat inspiratie.

Tussen gaap en grimas

IMAG0127Ik herinner me de tip van Larssen: fake een lach op je gezicht, want het gebruik van die spieren geeft een signaal af aan je hersenen dat je blij bent. In eerste instantie voelt het belachelijk, maar het werkt. Een beetje. Dus tussen grimas en gaap werk ik weer een paar uur door, met Ramses Shaffy op repeat.

Intussen heb ik bedacht dat ik mijn hersenen nog wat meer voor de gek kan houden met een Philips wake-up-light! De rest van de nacht dient dit ding dus niet als wekker, maar als bureaulamp. Ik geef mezelf een schop onder mijn h*l en zet mijn favoriete salsamix op. Ik heb tenslotte zelf bedacht dit te gaan doen, dus moet ik niet zeuren ook.

Time flies when your having…

Opeens is het half vier en krijg ik zowaar een soort van stress. Waar is de tijd gebleven??! Eén ding weet ik wel: om achterstallig werk weg te werken is dit voor mij niet de meest effectieve manier. Liever tot twee uur ’s nachts door, een uurtje slapen en weer verder, dat gaat een stuk sneller. Maar goed, het ging nu ook om doorzetten als het niet zo leuk meer voelt. Ongemak gevoeld en overwonnen: check!

Tijd om mijn hardloopschoenen op te zoeken…want van trainen word je wakker. Dat kan ik nog wel opbrengen, sterker nog: ik heb er zin in! Larssen raadt ook aan om koud (af) te douchen. Maar daar pas ik toch voor, een helweek kán ook te ver gaan!

 

 

 

 

4 reacties

Zeg er maar wat van