Vroeger moest ik er echt niets van weten. Als we in de auto zaten en we weer zo’n fanatiekeling tegen kwamen was het een wedstrijd wie er het eerst keihard ‘uitslover’ kon roepen.

Hadden we het op kantoor over rennen dan riep er niemand harder dan ik dat ik daar toch wel zo’n gruwelijke hekel aan heb. Je gaat toch niet voor je lol idioot staan doen op de weg. Als er dan weer eens geïnventariseerd werd wie er deze keer aan de inmiddels traditionele run mee zou doen, dan lachte ik stiekem iedereen uit. Vijf kilometer lopen, echt niet!

Verstandsverbijstering

Totdat ik een maand of drie terug eens in een vlaag van volledige gekte aanbood mee te trainen met een vriendin. Ze trainde net voor de vijf kilometer en ik vond dat ik wel eens wat aan mijn conditie mocht doen. Gezond eten doe ik tenslotte ook al niet. Een paar dagen later was het dan zover. We zouden een ronde van drie kilometer maken, om lekker rustig te beginnen. Hoe moeilijk kan het zijn, dacht ik nog. En dat heb ik geweten, na anderhalve kilometer ging ik bijna dood van ellende. Waarom, waarom in vredesnaam deed ik dit?! Wat was hier de lol van? Mijn longen stonden op knappen, mijn schenen deden pijn! En mijn voeten voelden aan alsof ik de hele dag op stiletto’s had geshopt in de binnenstad van Utrecht. Met daarbij ook het ontwijken van alle gaten in de straat én berekenen hoe je het beste van het ene kinderkopje naar het andere kunt lopen, zonder dat je in de ruimte tussen die stenen terecht komt. Lopen op hakken = wiskunde. Nu ben ik wel fervent aanhanger van stiletto’s, en van shoppen, maar niet in die combinatie.

Zwabberende enkels

Zwabberende enkels en brandende voetzolen als gevolg. Alles wat pijn kon doen, deed ook pijn. Maar na een korte wandelpauze zetten we het toch weer op het rennen en een minuut of tien later waren we terug. Ik gesloopt, zij iets minder. Was mijn conditie echt zo vreselijk? Hoe belachelijk was dit! Een dag later ging het niet bepaald beter. Sterker nog, opstaan was een ware beproeving. Spierpijn, pijnlijke gewrichten, als er spieren in het puntje van mijn neus had gezeten had ik zelfs daar last van gehad. Hoe kon dit?! Waarom doe ik op mijn dooie gemakje wel 100 squats en lunges en gooi er nog een rondje jumping jacks tegenaan ook. Waarom had ik toch zo idioot veel last van mijn benen? En dat is dus precies waar ik niet tegen kan. Lukt mij iets niet of kan ik iets niet dan zal ik mezelf toch echt wel even gaan bewijzen dat ik dit ook kan.

Miepen, klagen en steunen

Dus er moest weer gerend worden. Niets motiveert mij namelijk meer dan iets wat ik eigenlijk gewoon niet kan. Dus goed en wel spierpijn-vrij en mijn roze schoenen waren weer vastgeknoopt. Alleen deze keer, zodat ik in alle stilte dood kon gaan en in mijn eigen tempo kon blijven lopen. Miepen deed ik nog steeds, maar wat bleek, die drie kilometer kwam ik gewoon door! Eenmaal terug heb ik de hele buurt verblijd met een opera terwijl ik onder de douche stond, zo blij was ik. De volgende dag was mijn stemming nog beter. Behalve een beetje spierpijn had ik nergens last van, hoera! Dat ging ik vaker doen. Kan mij het schelen dat ik door iedereen werd ingehaald, inclusief het buurmeisje op haar mini-driewielertje met ministrikjes en ministaartjes, maar who cares! Ik ren! Kijk mij nou eens even de uitslover zijn.

Trainen

Inmiddels ben ik een maand of drie verder en ren nog steeds. Ik train meestal twee, soms drie keer per week en het is leuk! Ik blijf bij elke duurloop verbeteren en mijn tijden worden steeds sneller, voor mijn doen dan. Helemaal leuk is dat ook herstellen steeds sneller gaat. Ik blijf mijn doelen bijstellen, zo is de vijf kilometer aangetikt en is mijn eerste officiële doel de 5 kilometer onder de 30 minuten te lopen. Ook heb ik me ingeschreven voor mijn eerste ‘echte’ run, de 5 mijl.

Maar waarom dan?

Tegenwoordig loop ik niet meer alleen, maar train ik met een loopgroep. Wel zo gezellig en er is altijd iemand die op mijn niveau loopt. Ik ren niet om iets aan mijn gewicht te doen, wél om mijn hoofd leeg te maken en mijn conditie te verbeteren. Een kantoorbaan betekent nu eenmaal veel zitten, zitten, oh én zitten. En oké, ik geef het toe. Ook de prestatiedrang speelt mee. Ik vind het geweldig om in een relatief kort tijdsbestek steeds sneller en langer te kunnen lopen. En shoppen. Ik heb natuurlijk wel een outfit nodig die matcht bij mijn knalroze sportschoenen. Daarbij kan je overal hardlopen.

Vrijheid!

Ik ben verslaafd. Tijdens een zware training ga ik nog steeds drie keer dood en ben ik echt de allerzieligste, maar niets beter dan vol kunnen houden. Trainingen die goed gaan, zijn geweldig! De wind, het gevoel in je benen, het laatste stukje nog even knallen. Ik word er echt heel blij van. Er gaat maar weinig boven thuiskomen na een intensieve, natte, maar toptraining. Dat heb je toch maar even mooi gedaan. Just do it, even if you suck.

één antwoord

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.