Je huppelt blij door het leven, misschien ietwat meer verziend en wat minder lenig dan voorheen, maar toch, blij. Content. Tot het onvoorstelbare zich dan toch aandient. 

Niet dat dat in één keer zichtbaar is, welnee. Dat gaat geleidelijk. Waarschijnlijk net zoals een gaatje in een kies: je merkt er niets van, je ziet er niets van, tot af en toe een steekje als je ijs eet. Dat steekje wordt een steek en komt steeds vaker voor. Ook als je geen ijs eet. Na een tijdje kun je er niet meer omheen: je hebt een gat. Damn it.

Ouder worden hoort erbij?

Dus ja, ik wist wel een beetje dat ik ouder aan het worden was en dat ik dat niet zo heel bien vond. Ok, nu is het moment om te zeggen dat ik het uiterlijke verval lang niet zo erg vond als het innerlijke verval. Dat ik rimpels onder, naast en boven mijn ogen heb? Soit. De neus-mond lijn? Prima. Hangvel? Ach ja. Ik had namelijk een prima manier om daar mee om te gaan. Een nogal briljante, al zeg ik het zelf: telkens als ik teken van verval zag, zei ik tegen mezelf: morgen is dat vast over. Echt, dat hielp. Hoop doet leven.

De Zes van IT

Nee, de eerste keer dat ik me bewust werd van mijn onjeugd, was toen ik ineens 6 nieuwe collega’s kreeg. Deze 6 waren tot IT-ers omgeschoolde, net afgestudeerde academici. Daar stonden ze, in een rij, glunderend en verwachtingsvol. In hun nieuwe nette kleer. De haren gekamd, de schoenen gepoetst. Rimpelloos. Het baby-vet nog op de wangen. En ik dacht: O MY GOD, wat zijn ze jóng! Mijn volgende gedachte was: dat ik dat denk, betekent dat ik niet meer zo jong ben. En hop! Daar begon de vrije val van de midlife crisis. De Zes drukten mijn neus op mijn middelbaarheid. Mijn middelbaarheid drukte mijn neus op alle gemiste kansen, alle gemiste afslagen, alle keuzes die ik wel-niet had gemaakt en die me op dit punt in mijn leven hebben gebracht. Al die gemisten en keuzes drukten mijn neus op “en dit is het dus, meisje Kortekaas”. Niet eens meer meisje Kortekaas, nee, mévróúw Kortekaas.

Wat een drama

God wat een drama. Wat-een-drama.

Boven de 30 te oud??

Een drama dat werd gecompleteerd toen ik vorige week met de mannen van ’t andere team ging eten en drinken. De mannen, ach, jongens zijn het, áárdige jongens, allemaal rond de 35. Zoals dat gaat op deze leeftijd, is het merendeel al jaren met vriendin. Op één na. Gelukkig heeft hij Tinder. Swiperdeswipe deed hij, ja-nee-nee-nee-ja-ja-nee-nee-nee-ja. De hele avond door. Ja-nee-nee-ja. Als ik het niet zo machtig interessant had gevonden, was het reuze onbeleefd geweest. Wat ik al zei, ‘machtig interessant’. Want waarom de één wel en de ander niet? Wat maakt een ja een ja? Nou, daar kwam ik rap achter. Hij zei ja, zodra iemand én knap was én onder de dertig. ONDER DE DERTIG. Mag ik het nog een keer zeggen? Dat mag ik: ONDER DE DERTIG!!!! Boven de dertig? Nee. Want dan kreeg hij ‘m niet omhoog*. De andere vielen hem bij. Ja nee inderdaad, boven de dertig is wel echt oud.

Ik ben geen lekker fris hapje

En ik maar denken dat ik nog steeds een lekker fris hapje ben. Dat ben ik dus niet. Al tien jaar niet. Wist ik veel. En zo gebeurde het dus, dat het onvoorstelbare zich toch, onafwendbaar en onomkeerbaar aandient: de waarheid. Ik ben niet meer jong. Snif.  

* Echt heus waar, dat zei hij.

Dit is het eerste deel uit “Het feuilleton van mijn midlife crisis, in 13 droeve delen”.  

één antwoord

  1. Esther van Nes

    Haha, hoe herkenbaar. Ik werk in een nogal oude organisatie, gemiddelde leeftijd rond de 52, ik met m’n 39 lentes jong een van de jongsten. Maar…..er zijn dit jaar tientallen nieuwe collega’s aangenomen. Bijna allemaal net fris afgestudeerd. Wat voel ik me opeens oud!! Ik ga dus graag op pad met m’n 60+ collega’s ;).

    Beantwoorden

Zeg er maar wat van