“Een oplichtend magenta hart van wat een bloem lijkt te zijn. Ik stel scherp op het achterwerk van een groene bladluis, links op de bloem.” Is dit de beschrijving van een aantrekkelijk beeld? Nee, hè? Het cliché is wederom bewezen: a picture says more than a thousand words.

Hierboven deed ik een poging om de prachtige macrofoto te beschrijven die bovenaan deze blog prijkt. Dat is onmogelijk, want leg maar eens de ziel van de foto uit. Die is bovendien voor iedereen anders. Maar dat het een prachtige foto is, staat buiten kijf, toch?

De foto is van Astrid den Haan, een zeer getalenteerd, autodidactisch fotografe bij wie ik op visite was. Fotografie, dat is mijn ding. Ik studeerde het aan de kunstacademie, maar het is nooit mijn vak geweest. Ik ontbeerde de technische kennis en tegenwoordig ben je al fotograaf als je weet hoe je mooie platen uit je telefoon perst. Je moet óf een goede naam of gelijkwaardig netwerk hebben, óf ballen, doorzettingsvermogen, een eigen signatuur en prachtige verbeelding om er geld mee te kunnen verdienen.

No filter

Dat laatste heeft Astrid allemaal en meer. Ze is strikt no-filter. Je krijgt voorgeschoteld wat zij ziet. Zonder opsmuk, rauw zoals het is. Astrid legt de kleine, onopvallende, vanzelfsprekende dagelijkse dingen vast. De duiven en de kauwen op straat, het verval van hoekjes en gaatjes. Het rijke leven van je achtertuin. Je loopt er dagelijks langs, maar je ziet het niet. Astrid laat zien dat het vanzelfsprekende fantastisch is en ik vraag me bij haar beelden af: wat nou als het er niet meer is, zou dat dan opvallen?

In de gezellige huiskamer, annex domein voor katten met een steekje los, vertelt Astrid waarom ze is gaan fotograferen. “Ik schilderde altijd. Dat was mijn manier om te te uiten. Toen mijn lichaam dat niet meer toeliet, ben ik op zoek gegaan naar een andere uitlaatklep. Dat werd fotografie. Ik had geen idee of het wat zou worden.” “Nou, wat mij betreft is het een match made in heaven”, zeg ik haar. Ze bloost. Nog steeds laat haar lichaam haar af en toe in de steek. Maar dan vecht ze voor hetgeen waar ze blij van wordt. Verbeelden van het kleine.

Zo ziet talent eruit

“Alles wat ik weet van fotografie en belichten, heb ik mezelf aangeleerd. Dat ging gemakkelijk: ik hoefde het maar één keer te zien en ik wist hoe het moest.” Ze praat erover alsof de switch een eitje was. Dat kan ik me niet voorstellen. Het overgaan van schilderen naar fotografie is namelijk een grote verandering in kijken. Van vastleggen wat je in je hoofd hebt, naar vastleggen van dingen die voor je ogen plaatsvinden. Van regie, tot chaos. Van van binnenuit een beeld creëren, naar je laten leiden door wat er buiten je invloedssfeer gebeurd. “Grappig”, zegt ze, “zo had ik het nog nooit bekeken!”

Even later laat ze me een selectie van haar beelden zien. Ze zijn adembenemend intiem. Van kleurrijke macro fotografie van kleine beestjes en andere organismen, zoomt ze uit via vergeten straatjes in zachte grijstinten, naar een rauwere werkelijkheid: bedelaars op straat. De contrastrijke, donkere beelden laten om geld smekende daklozen zien die zich letterlijk op hun nederigst presenteren tussen onverschillig, winkelend publiek. Het is een werkelijkheid die te confronterend is en waarvoor ik me schaam. Ook in lelijkheid zit schoonheid.

Terug naar de basis?

In deze snuffelfase op zoek naar de baan die bij mij past, heb ik me weleens afgevraagd of ik misschien weer terug moet naar mijn basis: fotografie. Na mijn ontmoeting met Astrid en het zien van haar werk weet ik dat ik dat niet moet doen. Zo ziet vloeiend talent er uit. Talent meets world. Dat ben ik niet op dit gebied. Doet dan me pijn? Nee. Mijn studie heeft me mijn manier van naar de wereld kijken gegeven. Dat heeft me veel gebracht. Ik zal ook altijd een kijker blijven.

In mijn hoofd heb ik een album van mooie plaatjes. Met toevallige straattaferelen, mooie reisfoto’s, beelden die anderen maakten, beelden van schoonheid. Er zitten ook foto’s van Astrid bij. (Ik hoop dat ik geen gedoe krijg met copy right.) De foto’s die ik nooit maakte zijn de mooiste. Ik zal ze nooit kunnen verbeelden, maar dat is niet erg. Ik koester ze in mijn hoofd. Kunstenaars als Astrid heb ik nodig om mij te kunnen laven aan schoonheid. Een sterke behoefte, omdat de wereld steeds lelijker wordt. Blijf me verbazen Astrid!

 

één antwoord

  1. Loes

    Jeeetje Wendy, wat schrijf je leuk en boeiend. Ik ben benieuwd naar je volgende blog en natuurlijk naar het uiteindelijke resultaat van je zoektocht, je vindt vast iets waar je heel gelukkig van wordt. Dikke knuffel van Loes ( je tantetje)

    Beantwoorden

Zeg er maar wat van

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.