In de stad kan het fietsverkeer nogal een jungle zijn. Zelfs een lady ontpopt zich op haar tweewieler in deze drukte tot een wilde stadstijger. Wie zich niet aan de regels houdt, krijgt ervan langs. Hoe heurt het eigenlijk op de fiets?

Vijf kinderen achterop, een kerstboom op de rug gebonden en een Ikea-boekenkast op de bagagedrager; ik heb het allemaal voorbij zien komen op straat. Het is altijd druk op straat en de fietspaden zijn vaak te smal om alle sjezende fietsforenzen een plekje te gunnen. Laat staan de snorscooters.

Om het fietsverkeer dan toch in goede banen te leiden, bestaat de fietsetiquette. Iedere Amsterdammer kent ze. En zolang iedereen zich eraan houdt, gaat het goed. Maar niet iedereen is zo goed geïnformeerd en op de hoogte van deze ongeschreven regels. Dagjesmensen, toeristen en ‘nieuwelingen’ zijn dan ook regelmatig de klos en worden direct afgestraft met bijvoorbeeld schelle bellen, scheldcanons en soms zelfs – ik heb het echt met eigen ogen gezien – een trap na.

Fietsnazi’s

Ook ik ga binnen de ringbanen vrijwel overal heen op de fiets: de sportschool, vrienden, stappen, maar ook naar de supermarkt. Je fiets is in de city doorgaans je beste vriend. Maar wie zich niet iedere dag op zijn of haar tweewieler verplaatst, snapt niets van die agressieve fietsnazi’s. De niet zo doorgewinterde fietser houdt zich immers – meestal dan – aan de verkeersregels. Het zijn echter juist die ongeschreven regels in de jungle die je moet weten om te overleven. In het Amsterdamse fietsverkeer is het een survival of the fittest. Eat or be eaten. Het Amsterdamse fietspad is een jungle vol hyena’s, leeuwen en slangen. En de stedelingen fietsen snel. Het leven gaat snel, dus zij ook, zeker als het regent.

Zwalken en blowen

Veel toeristen denken ‘leuk’ een fiets te huren. Ik zie al helemaal voor me hoe dat in een reisgids romantisch omschreven is. ‘Er is geen leukere manier om Amsterdam te ontdekken dan op de fiets’ of ‘een lekker uitwaaimomentje op de pont naar Noord’. Het gevolg is dat hele drommen toeristen links en rechts zwalken over de volle breedte van de weg. Tegelijkertijd proberen zij ook nog een kaart te lezen en een joint te roken. Plotseling afslaan, zonder op of om te kijken of richting aan te geven, komt vast een paar keer per minuut ergens in de stad voor. Het hele systeem wordt hierdoor in de war geschopt. Zij zijn voer voor de hyena’s.

Enkeltje motorkap

Vergeet ook de automobilisten – vaak van buiten de stad – niet. Zij zijn over het algemeen niet gewend aan al die fietsers naast de rijbaan. Ik zie het dagelijks gebeuren, fietsers die ternauwernood ontsnappen aan een enkeltje op de motorkap. Op weg naar mijn werk zijn er ook altijd wel één of twee auto’s die me niet hebben gezien, maar so far so good (afkloppen).

Over het algemeen weet ik me ondanks deze junglestrijd onderweg gelukkig vrij rustig te houden op de fiets. Van al dat gevloek en getier kom je toch niet eerder op je bestemming aan. En stresshormonen zijn helemaal niet goed voor je gezondheid. Daarom – voor wie ze nog niet kende – de zes geboden om je fietstocht door de Amsterdamse jungle te overleven.

1. Gij zult niet op een kruising stilstaan

Ze komen vaker voor dan je denkt. Een kruising van twee fietspaden, waarbij een vertakking een stoplicht heeft. In Amsterdam staan er dan al gauw meer dan tien mensen te wachten. In de spits zijn dertig wachtenden voor je geen uitzondering. Ga daarom bij rood licht niet op die kruising stilstaan, maar houdt minimaal een meter vrij, zodat het doorgaande verkeer er ook daadwerkelijk doorheen kan.

2. Gij zult niet onnodig links fietsen

Net zoals op de snelweg, is het ook op het fietspad niet de bedoeling dat je links blijft rijden. Blijf altijd rechts fietsen, zodat mensen je kunnen inhalen. Er is altijd wel iemand die nog sneller fietst.

3. Gij zult op het groene vlak wachten

Oké, ik moet bekennen dat ik deze ook niet eerder kende. Maar tijdens het wachten op het pontje richting Noord heb je aan de kant een groen en een rood vlak. Het pontje richting Noord gaat vaak, maar alsnog is het er druk, heel druk. Op het groene vlak staan alle fietsers, voetgangers en scooters braaf, maar uiteraard ongeduldig, te wachten. Rood wordt overspoeld met mensen die voet (of wiel) aan wal zetten zodra het pontje is gearriveerd. Wie zo gek is om op het rode vlak te wachten – bijvoorbeeld omdat het daar zo lekker rustig is – wordt dan ook gelyncht. Iemand plaatste deze foto op Facebook en de reacties waren niet mis.

fietsetiquette

4. Gij zult niet naast elkaar fietsen

Fietsen is in Amsterdam geen sociale bezigheid. Er is geen plek om naast elkaar te fietsen. Toch zijn er vaak huisvrouwen met kortpittig kapsel die samen de dag willen doornemen zonder dat hun fietstassen in elkaar blijven haken. Of meisjes die graag zij aan zij naar de hockeytraining gaan.

5. Gij zult altijd uw hand uitsteken bij het afslaan

Doe het maar gewoon, ook al lijkt het overbodig. Je wordt vaak links, rechts, voor en achter, soms van meerdere kanten tegelijk, ingehaald. Door even je richting aan te geven blijven de hyena’s op afstand.

6. Gij zult uw fiets beveiligen

Dit gebod heeft niet zozeer met het fietsen zelf te maken. Maar wie geen dubbel slot aan zijn fiets heeft hangen, de tweewieler niet aan een rek of paal bevestigt, loopt de kans met het OV naar huis te moeten gaan. Je fiets moet beter beveiligd worden dan je huis, er ligt altijd wel een dief op de loer. Gelegenheid maakt nu eenmaal de dief.

Al met al is het Amsterdamse fietsverkeer een crime voor de outsiders. Maar fietsen is natuurlijk wel gezond, snel en goed voor het milieu. Misschien heb ik je met deze jungletips op weg geholpen. Heb jij nog tips om aan mijn survival kit toe te voegen?

5 reacties

  1. Natalie

    Geweldig leuk blog Floortje! Heel herkenbaar allemaal, perfect beschreven, ik heb een grote glimlach op mijn gezicht nu! 🙂 En ben blij dat ik alle geboden ken..

    Beantwoorden
  2. joost

    Ik mis ‘Gij zult geduld hebben voor malkander’, ‘Gij laat uw korte lontje bij voorkeur thuis’ en ‘Gij stapt af om te bellen, te whatsappen, de weg te zoeken of andere afleidende zaken te doen’. Maar waarschijnlijk mis ik de ironie. 🙂

    Beantwoorden
  3. Daniëlle

    Mijn techniek? Full speed vooruit met je ogen dicht. Hier een kamikazepiloot op een oude stationsfiets.

    Beantwoorden

Zeg er maar wat van