Gamechangers, in mijn werk kom ik deze modeterm steeds vaker tegen. Het klinkt zo lekker positief. Anders dan ‘oude wijn in nieuwe zakken’. Angst voor nieuwe dingen staat deze moderne helden soms in de weg.

Zakenblad Management Team nomineerde in 2014 de vijftig meest ‘gamechanging’ bedrijven. Een gamechanger is een bedrijf dat een bestaande markt volledig op z’n kop zet, of zelfs doet verdwijnen. De samenleving verandert sneller dan wetgeving kan bijhouden en de digitalisering zet alles en iedereen op scherp. 2theloo werd als grote winnaar gezien. Het concept bestaat uit wc-potten in drukke winkelstraten. Ik ben er wel eens geweest, op de Kalverstraat. Handig concept, schoon en het gaat gepaard met een licht en hip ingericht winkeltje met veel te dure gadgets. Maar de core business is dat je er voor een euro kunt toiletteren tijdens het shoppen. Een simpel, maar geniaal idee. Overigens vind je 2theloo inmiddels ook in tank- en treinstations. Toch fijn dat we ook daar anno 2015 naar een schoon toilet kunnen.

Geef nooit op

Als ik de complete lijst van genomineerde gamechangers van vorig jaar bekijk, ken ik er al een hoop. En niet iedereen is in mijn ogen even vernieuwend als de term gamechanger doet vermoeden, laat staan dat een plek in de top 50 terecht is. Maar toch, iemand heeft zijn of haar nek uitgestoken voor iets nieuws en dat alleen al is best gaaf. Wat is er nou nodig om een gamechanger te worden? Creativiteit, lef, tijd, een flinke dosis ‘geef nooit op’, maar bovendien geld. Geld vind je tegenwoordig met crowdfunding of investeerders. De traditionele weg bewandelen richting de bank is in ieder geval niet meer de eerste keuze.

Lekker anders

Stiekem is het best een droom van me om een gamechanger te zijn. Dat je gewoon lekker aan het hobbyen bent en opeens, patsboem, ben je een gamechanger. Hartstikke per ongeluk heb je opeens investeerders voor je deur staan en willen eventmanagers je als spreker boeken. In een fase dat je denkt: schijt aan de rest, ik doe het gewoon lekker anders. Iedereen haat je eerst, je bent immers anders en dat is raar/eng. Maar daarna houden ze allemaal van je, omdat je zo lekker anders bent… En de spelregels, die kun je in het begin nog lekker zelf bedenken.

Kijk naar Uber, een app die voor een heel aantrekkelijk tarief een taxi voor laat rijden. En je kunt precies volgen waar die taxi zich bevindt via gps. Uber heeft officiële chauffeurs, maar ook automobilisten die via Uber ritten aanbieden met hun auto. Om een beetje bij te verdienen, of wat autokosten terug te verdienen, het is maar net hoe je het bekijkt. Op dit moment worden Uber-chauffeurs bedreigd, belaagd en zelfs mishandeld – als we de Telegraaf tenminste kunnen geloven. Maar iedereen weet dat het een blijvertje is. In San Francisco schijnt Uber zelfs een groot deel van het openbaar vervoer overgenomen te hebben. Dat snap ik wel. Het OV kan nooit een passende deur-tot-deur-rit bieden, bovendien moet je ook nog eens een absurd hoog bedrag neertellen voor een treinrit. En je moet je altijd aan de tijd houden. Tsja, gezelligheid kent bij mij geen tijd hoor.

Blauwe plekken

Sinds twee weken heb ik geen leaseauto meer. Na zes jaar cruisen is het afgelopen. Mijn fiets draait overuren en ik heb blauwe plekken van alle fietsenrekken die ik tegenwoordig bezoek met uitstekende fietsonderdelen waar ik in alle haast en ruimtegebrek tegenaan knal. Fietsen is gezond, de temperaturen buiten worden steeds aangenamer en fileleed is aan mij sowieso niet besteed. Maar zo af en toe heb ik ook een auto nodig. Grote boodschappen, langere afstanden en hondenweer zijn van die situaties. En dan zou een uber-ritje verdomd handig zijn. Of zo’n kekke deelauto. Bij Car2go in Amsterdam heb ik me dan ook direct na het inleveren van de leaseauto aangemeld.

Te veel gedoe

Ook die deelauto’s, op zich nog geen gamechanger. Tot er iemand komt die door heel Nederland een deelauto aanbiedt die ik op willekeurige plekken kan inleveren. Wie gaat er dan in vredesnaam nog met de trein? Hoppa, al die rails asfalteren en het bespaart jaarlijks ook nog eens miljarden aan overheidsinvesteringen. Just a thought. Maar dan komt de kritiek, want angst voor iets nieuws: ‘Niet alle mensen die in de spits reizen passen tegelijkertijd in verschillende auto’s op de weg’. Volgens mij met geasfalteerde spoorwegen erbij wel. ‘Jongeren hebben nu geen geld voor een auto, maar later wel. En dan kopen ze weer auto’s.’ Ik zeg niet dat niemand meer een auto koopt. Maar ik koop liever een vliegticket om een onvergetelijke trip te maken, dan dat ik mijn geld in een auto stop waar ik ook nog eens ontzettend veel maandelijkse vaste lasten aan heb. Veel te veel verantwoordelijkheid en gedoe voor iets dat stil staat voor mijn deur; ordinair straatmeubilair.

Nieuwe hobby

Nu nog bedenken welke game ik kan changen. Ik ga in ieder geval door met hobbyen in mijn vrije tijd. Dan kan er altijd onverwacht patsboem een investeerder voor mijn deur staan. Misschien moet ik eerst een nieuwe hobby bedenken. We worden immers nooit te oud om een spelletje te spelen.

Zeg er maar wat van