Met Rumboman reis ik naar Groningen voor de tentoonstelling van Bowie. Onder de indruk van zijn changes onderga ik zelf ook een tijdelijke transformatie door de controle uit handen te geven.

Lustig onderweg

Met zachte voeten en roodgelakte teennagels, mijn tas vol zoete hapjes, zit ik in de intercity naar het noorden. Eerst in een vierzitter, maar Rumboman dirigeerde mij, ons, naar een tweezitter. Ik zit bij het raam en ben verdiept in Griet Op de Beeck. Dan voel ik een hand op mijn been, die langzaam onder mijn jurkje omhoog kruipt. Ik geniet van de spanning die dat veroorzaakt, de opmaat voor wat komen gaat. Regen klettert tegen de ramen, maar het weer beïnvloedt mijn stemming niet. Elk weertype zou goed zijn op dit moment. Wij zitten samen in de trein, dicht naast elkaar met beiden de belofte voor dit weekend in ons hoofd.

Het eerste treffen

Bij aankomst op station Groningen blijkt de regen toch echter en kouder dan ik dacht. Met m’n rolkoffer loop ik fluks klikklakkend, maar rillend pal de verkeerde kant op. Taxi, waar ben je? Na een kleine omweg ploffen we op een zachte brede achterbank, de chauffeur half antwoord gevend op zijn belangstellende vragen. Ja, we zijn hier voor de Bowie tentoonstelling, en ja, de stad is ons bekend. Aangekomen in de hotelkamer smijten we onze spullen in een hoek en vallen we op elkaar aan alsof we weken gescheiden zijn geweest. Het smetteloze dekbed moet er direct aan geloven. Daarna eten en drinken we in ons favoriete restaurant aan de Oude Boteringestraat. De risotto en de wijn zijn fluwelig en delicaat. Het regent zachtjes als we naar het museum lopen.

De ondoorgrondelijke Bowie

Vanaf zeven uur zijn we welkom. We krijgen een koptelefoon en een ontvanger om zo individueel de informatie te kunnen beluisteren. Na een minuut zet ik de koptelefoon af. Ik wil weten hoe het is als niemand spreekt. Het is een rare stilte, ik hoor alleen loopgeluiden, het geschuifel over de zachte vloer. Niet lang daarna grijpen de beelden en de muziek me aan. Vanaf mijn zeventiende was Bowie er altijd en nu is hij dood. Letterlijk met open mond sta ik voor de pop die het pak van Bowie in Ashes to Ashes draagt. De video ernaast bekijk ik drie keer. ‘My mamma said, to get things done, you’d better not mess with Major Tom.’ Het ontroert en fascineert me. Tranen rollen over mijn wangen. Ik denk dat ik bevat waar het over gaat, maar aan de andere kant weet ik dat ik Bowie nooit zal kunnen begrijpen, hoe ik mijn best ook doe. Ik betrek het maar op mezelf en een denkbeeldige Major Tom.

Los draadje

‘Kijk, er hangt iets los!’ zeg ik, wijzend op het draadje dat uit de broekspijp van de Bowiepop hangt. ‘Je knipt het niet af, hoor!’ Ik kijk Rumboman een beetje verbaasd aan. ‘Je bent er gek genoeg voor, tenslotte.’ zegt hij, als hij m’n blik opvangt. Ik lach en schud mijn hoofd. Zo brutaal ben ik nu ook weer niet. En dat draadje, dat hoort daar gewoon, het maakt het nog echter, minder gepolijst.

Grensverleggend spel

Tegen tien uur gaan we de taxi weer in. Ik ben onder de indruk. Changes. Altijd maar weer. Weer terug in het hotel ondergaan we, zoals gepland, beiden een verandering. De modus was er al de hele dag, maar nu is de transformatie ook fysiek. Ik verander in een alter ego – anders, maar toch dichtbij mezelf – en Rumboman neemt ook zijn rol in. Het spel begint. De buitenwereld bestaat nu niet, mijn zintuigen worden op scherp gezet. Grenzen worden opgezocht en met genoegen overschreden. Ik ervaar onverwachte maar gewenste sensaties, waar ik nog dagenlang de sporen van meedraag en die ik af en toe met binnenpret bekijk. In de badkamerspiegel zie ik mijn vergenoegde blik en in mijn hoofd zingt Bowie. ‘Rebel rebel, you’ve torn your dress, rebel rebel, your face is a mess…’ 

Terug naar huis

We slapen uit, ontbijten op de kamer en maken geen aanstalten om te vertrekken. De avond en de nacht denderen door mijn hoofd. De bohemien Bowie, altijd in control, letterlijk tot aan zijn dood toe. Rumboman, ook in control, over mij, de afgelopen nacht in ieder geval. De taxi komt, we gaan terug naar Rotterdam. Op het station drinken we espresso’s bij Julia’s. Changes. Als levensstijl voor Bowie, voor ons to spice things up, zo nu en dan.

Zeg er maar wat van