“Hoe kom ik bij jou?”, vraag ik een vriendin. “O, dat is heel eenvoudig”, zegt ze. “Je gaat bij de rotonde links, dan pak je de eerste weg rechts en….Ik hoor de rest van haar uitleg niet meer. Mijn hart begint als een gek te kloppen, het zweet breekt me uit en mijn adem stokt. Tot 2002 was dit mijn reactie als ik alleen op pad moest.

Vaste route

Al zolang ik me kan herinneren, had ik angst om te verdwalen. Het maakte niet uit of ik liep, fietste, auto reed, treinde of buste, de angst was onverbiddelijk. Of ik nu in de stad was, in de natuur of op het water, mijn paniek won het altijd van mijn verlangen naar avontuur.

Als kind had ik mijn vaste routes, die ik door en door kende, dus veilig. Toen ik eindelijk de weg naar mijn nieuwe school kende, heb ik deze altijd genomen. Als het stormde en klasgenootjes de bus pakten, trapte ik me de pleuris op mijn fiets, want de busroute kende ik niet.

Hulp vragen

Had ik een sollicitatiegesprek, dan reed mijn vriend eerst een keer of drie met mij de route naar de desbetreffende adres. Zenuwen voor het gesprek had ik nooit, want de angst om te verdwalen,  nam me volledig in beslag.

Op het moment dat mijn dochter op ballet wilde, heb ik eerst de buurvrouw gevraagd of ze tig keer met mij naar dit gebouw wilde rijden. Ik schaamde me dood voor mijn vraag, maar de angst vrat al weken van te voren aan mij.

Toen ik van een cursus (in een voor mij onbekende stad) terug naar huis moest rijden, was mijn vaste route plotseling afgesloten. Dat hoorde ik van een medecursist tijdens de les. De paniek sloeg in alle hevigheid toe want hoe moest ik dan ooit thuis komen? Ik kon het eerste stuk achter iemand aanrijden en vanaf daar was het simpel zei ze. Toen ik, ondanks die simpelheid, in een buitenwijk verdwaalde en de auto aan de kant zette, kreeg ik een paniekaanval. Hartkloppingen, zweten, hyperventileren, de hele mikmak. Er waren nog geen mobieltjes, dus ik voelde me totaal verlaten en aan de goden overgeleverd.

Hoe ik uiteindelijk toch thuis ben gekomen, weet ik niet meer.

Afhankelijk

Het rare was: als ik met iemand anders op pad ging, was er nooit angst. Ik reed met gemak overal naar toe, als er maar iemand naast me zat. Een boswandeling met een vriendin: heerlijk. Dwalen met mijn partner over ongebaande wegen, graag! Dus had ik altijd iemand nodig als ik ergens wilde komen. Door die afhankelijkheid voelde ik me als een klein kind. En ik verlangde zo erg naar avontuur, naar de vrijheid om me overal in mijn eentje te redden. Ik miste namelijk zoveel leuke dingen door mijn verdwaalangst.

Ik zweeg over deze angst, want ik schaamde me diep voor deze rare afwijking. Nadat ik, natuurlijk anoniem, een interview over mijn angst had gegeven aan een tijdschrift, kreeg ik veel reacties van lezeressen die mijn verhaal herkenden. Vanaf dat moment besloot ik uit de kast te komen en daarmee verdween ook de schaamte.

De TomTom

In 2002 verscheen mijn redder: de TomTom! O, ik kon mijn dankbaarheid wel van de daken schreeuwen. Dankzij de TomTom kreeg ik zoveel vrijheid in mijn schoot geworpen. Nu durfde ik overal naar toe te rijden. Reed ik verkeerd, dan werd ik wel weer naar de juiste weg geleid. Nog steeds ervaar ik de TomTom en andere navigatie systemen zoals Google Maps als een enorme bevrijding.

Ondertussen weet ik dat verdwaalangst vooral vrouwen treft omdat vrouwen over het algemeen minder ruimtelijk inzicht hebben dan mannen. En daardoor minder richtingsgevoel. En in sommige gevallen kan dat slechte richtingsgevoel voor verdwaalangst zorgen. Aan die verklaring heb ik in de praktijk niet zoveel, maar dat hoeft ook niet. Want TomTom is bij me en anders is Google Maps wel in mijn buurt. Mijn vrienden voor het leven. Want aan hen dank ik de vrijheid die ik nu heb om in mijn eentje de wereld te betreden. Yes!

 

 

Zeg er maar wat van

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.